Vaderlandse sonnetten
Sonnetten over belangrijke gebeurtenissen in de Vaderlandse Geschiedenis. Ze volgen de canon

± 5500 voor Christus
Trijntje
De jager-verzamelaars
De eerste bewoners van ons rivierenland wonen niet op een vaste plaats, maar trekken van plek naar plek. Ze jagen, vissen en verzamelen vruchten, noten, knollen en zaden. De winter brengen ze door in een vast kamp op een droge plek. Op de plaats waar ooit zo'n nederzetting was, is in 1997 het skelet van jager-verzamelaar Trijntje opgegraven.
1.Trijntje
De dagen staan in 't teken van het jagen Te voet of in een kano tussen 't veen. Het wapen is een bijl van dierlijk been. Met een verbouwd gewei win je er slagen
Vanavond ligt 'r een edelhert te braden De groep van twintig mensen zit bijeen. Want eten doen ze samen, nooit alleen Ze wonen nergens, wandelen en waden.
Die avond stierf een vrouw en zij verdween toen vijfenvijftig eeuwen in de aarde En dat ze vóór die tijd een kindje baarde Vertelden botten toen ze weer verscheen.
Ze vonden haar bij 't spoor en dachten: Geintje! Naam onbekend, dus noemen wij haar Trijntje.
47 - ± 350
De Romeinse Limes
Tweeduizend jaar geleden loopt de noordelijke grens van het enorme Romeinse Rijk dwars door het huidige Nederland. In het Latijn wordt de grens 'limes' genoemd. De limes is in totaal duizenden kilometers lang en loopt van het noorden van Engeland tot aan de rand van de Sahara in Afrika. In de Lage Landen vormt de Rijn de grens.
3. De Limes
Het waren nare jongens, die Romeinen Aan grenzen om hen heen hadden ze schijt 'Ave!' riepen ze bij binnenkomst geheid En joegen weer een volk in de gordijnen
Wel bleven ze ten zuiden van de Rijn Daarboven was het land hen veel te vochtig Een opmars bovenrijns was veel te bochtig Het leek hen geen domein voor de Romein.
Ze leverden veel strijd met de Bataven Maar regisseerden toch hun eigen val In Rome spuwde men hoofdzaak'lijk gal
Het Rijk heeft zich uiteind'lijk zelf begraven Met dank voor die finale overgave Fiets ik de Limes: Katwijk - Berg en Dal.
742 - 814
Karel de Grote
Karel de Grote is een van de grootste heersers van de vroege middeleeuwen. Hij weet door voortdurende oorlogvoering rond 800 een groot deel van West-Europa te onderwerpen, waaronder het huidige Nederland. Het bezit van een enorm rijk levert hem de bijnaam 'de Grote' op. Bovendien was hij voor die tijd met 1,84 meter indrukwekkend lang.
5. Karel de Grote
De Saks, de Langobard, de Deen, de Moor Ze hadden na vergoten bloed wel door Dat Karel dolgraag grensboompjes verpootte. En daarbij ook nog speelde voor pastoor
Hij was het zwaard dat 't Christendom promootte. Hij was de kling, maar wel een zeer devote. Een heilige, een man die nooit verloor. Met zo'n cv word je vanzelf de Grote
Zijn reputatie bleef en werd niet grijzer. Hij vestigde bestuurlijk grote faam. De Vader van Europa werd zijn naam
Het is voor de EU misschien ook wijzer. Om zich te zuiveren van alle blaam. Te stoppen met gepraat. Gewoon een keizer
1356 - ±1450
De Hanze
Zwolle, Kampen, Zutphen en Deventer groeien in de late middeleeuwen uit tot voorname handelssteden. Ze zijn lid van de Hanze: eerst een samenwerkingsverband van kooplieden en vanaf 1356 ook een handelsnetwerk van steden. Dat is gunstig voor het uitbreiden en beschermen van de eigen handelsactiviteiten. In de zestiende eeuw valt het Hanzeverbond uiteen.
7. De Hanze
Ze zagen voor hun toekomst grote kansen De Europese steden roken geld Ze waren nauw'lijks op elkaar gesteld Maar wisten hoe je functioneel kunt sjansen.
Al gauw waren ze met elkaar aan 't dansen Een polonaise leek het wel, een sliert Waarmee de lange kustlijn was versierd Die lijn van steden kreeg een naam: de Hanze
De Hanze wou de handel domineren De macht over de granen, huiden, zout Ze duldde op haar weg naar geld geen beren
Maar gaandeweg begon het tij te keren De Hanze viel uiteen als sprokkelhout Want steden gaan het liefst voor eigen goud.
1487 - 1482
Maria van Bourgondië
Maria van Bourgondië is pas 25 jaar oud als ze sterft. Toch is de korte tijd dat ze regeert als hertogin een belangrijk omslagpunt in de geschiedenis van de Lage Landen. Onder druk geeft Maria rechten terug aan haar onderdanen en door haar huwelijk zullen de Nederlanden lang deel uitmaken van het wereldrijk van de Habsburgers.
9. Maria van Bourgondië
De Fransen loeren hebberig naar 't noorden. De Lage landen lonken, als een parel. Maar niettemin blijft het vooral bij woorden. Zoals onder Maria's vader Karel.
Maria wordt een prooi voor landjepikkers. Pas twintig is ze, dan al de vorstin. Ze dansen om haar heen, de hielenlikkers. Maria's hand betekent landgewin.
Maar hoe actief de Fransen ook gaan sjansen En zich gedragen als gebraden haan. Ze lopen elk een blauwtje, missen de kansen
De hoofdprijs gaat naar Maximiliaan. Maria gaat in Wenen met hem dansen. Het Habsburgs rijk wordt groter, 't is dik aan
Vijftig belangrijke historische gebeurtenissen en personen
1. Trijntje, 2. Hunebedden, 3 De Romeinse Limes, 4. Willibrord, 5. Karel de Grote, 6. Hebban olla Vogola, 7. De Hanze, 8. Jeroen Bosch, 9. Maria van Bourgondië, 10. Erasmus, 11. De Opstand, 12. Willem van Oranje, 13. Johan van Oldenbarneveldt, 14. VOC en WIC, 15. De Beenster, 16. Hugo de Groot, 17. De Statenbijbel, 18. Rembrandt, 19. De Atlas Maior van Blaeu, 20. Michiel de Ruyter, 21. Christiaan Huygens, 22. Spinoza, 23. Slavernij. 24. Else Elsinga, 25. Sara Burgerhart, 26. De patriotten, 27. Napoleon Bonaparte, 28. Koning Willem !, 29. De eerste spoorlijn, 30. De Grondwet, 31.Max Havelaar, 32. Het kinderwetje van van Houten, 33. Vincent van Gogh, 34. Aletta Jacobs, 35. De Eerste Wereldoorlog, 36. Anton de Kom, 37. De Tweede Wereldoorlog, 38. Anne Frank, 39. Indonesië, 40. De watersnood, 41. De televisie, 42. Haven van Rotterdam, 43. Marga Klompé, 44. De gastarbeiders, 45. Annie M.G.Schmidt, 46. Kolen en gas, 47. Het Caribisch gebied, 48. Srebrenica, 49. Europa, 50. Het Oranjegevoel
± 3000 voor Christus
Hunebedden
De eerste boeren
Hoe het ze is gelukt weet niemand, maar vroege boeren weten zo'n vijfduizend jaar geleden loodzware zwerfkeien te verplaatsen om er graven mee te bouwen. 'Hunebedden' worden de stenen grafkelders genoemd. Het zijn de tastbare monumenten van een boerenvolk dat het bestaan als jager-verzamelaar achter zich heeft gelaten en zich op vaste plekken is gaan vestigen.
2. Hunebedden
Je zag ze overal, de stenen brokken Ze waren stuk voor stuk ontzettend zwaar. Men vroeg zich weleens af: hoe komt dat daar? Een enk'le zonderling was aan het jokken
Over een IJstijd, maar men liet hem maar Want mannen werkten zich destijds de pokken Ze joegen daags op smakelijke bokken Want 't eten moest ook toen voor zessen klaar.
Zo'n zware steen, hij diende nergens voor 't Was daarom ook dat ze dus plannen smeedden Om ze te stapelen voor een graf. Waardoor
De hernia's pardoes hun entree deden De doden liggen er nu heel tevreden Omdat men overwon waar Sisyfus verloor
658 - 739
Willibrord
De Friezen die rond 700 in het kustgebied wonen, worden door christenen gezien als heidenen. Dit volk laat zich niet bekeren, totdat de Engelse monnik Willibrord arriveert. Hij weet veel Friezen voor de christelijke kerk te winnen, al blijft een deel van hen nog lang vasthouden aan hun oude geloof
4. Willebrord
In Katwijk denken z' even aan een schending Maar dan, dan stapt een monnikspij aan land Van top tot teen een christ'lijke gezant. Een fiere Ier, gezonden met een zending.
De Friezen wonen er prettig bij het strand Ze zitten niet te wachten op een wending. Of praatjes over 'n hemelse happy ending. De functie van hun God is niet vacant.
Maar langzaam keert het tij, omdat de Franken En de Saksen stoken aan de flanken De Friezen worden stichtelijk afgericht
Ze moeten Donar en Wodan dan bedanken Voor hun zojuist verstreken vergezicht. Want nieuw is 't Christendom. Voor al uw licht
± 1075
Hebban olla vogala
Nederlandse taal in ontwikkeling
'Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic anda thu, wat unbidan we nu?' is een van de bekendste zinnen uit de Nederlandse taal- en literatuurgeschiedenis. Het betekent: 'Alle vogels zijn al aan het nestelen, behalve ik en jij. Waar wachten we nog op?' Het zijn regels uit een middeleeuws liefdesliedje. Een liedje van verlangen van zo'n duizend jaar oud.
6. Hebban olla vogala
De vogels nestelen, maar ik en jij? 't Is tijd dat wij ook eens aan kind'ren denken Wat wil je, lieverd, mag ik j'een baby schenken? Wanneer maak jij je voor het vrijen vrij?
Je bent er toch niet bang voor, lieve jongen?. Als je nog langer wacht, dan is 't voorbij. Mijn liefhebbers staan buiten in de rij. Zing toch wat olla vogola toen zongen
't Is ouderwetse taal op perkament Een monnik schreef het heel erg lang geleden. Een klusje tussen bed en de gebeden
En zo je weet is algemeen bekend Dat monikken het toendertijd niet deden Maar da's voor jou geen smoes. Kom, wees een vent!
± 1450 - 1516
Jeroen Bosch
Tegen het eind van de middeleeuwen leeft er in 's-Hertogenbosch een schilder met een bijzonder creatieve fantasie. Zijn schilderijen en tekeningen waarschuwen voor de gevolgen van de zonden en de dwaasheid van de mensen, zoals gebruikelijk in die tijd. Tegelijkertijd is de beeldtaal van Jeroen Bosch uniek en onvergetelijk.
8. Jeroen Bosch
De Nieuwe Tijd brak aan, een wreed vaarwel De mens, hij ging met God om voorrang strijden. Het leek een coup, misschien het eind' der tijden En kwam je dan tenslotte in de hel?
De Bosche markt, toneel van mens'lijk falen Daar speelde hebzucht, gierigheid en macht De plek waar 'n de kunstenaar van binnen lacht. Om 't beeld dan met penselen te vertalen
Ze hangen wereldwijd, Jeroen z'n doeken Over zijn boodschap wordt nog steeds getwist. Stichtelijk? Spot? Gebod? Geen mens die 't wist
Ook nu nog wordt er veel gegist in boeken. Het heeft geen zin er langer naar te zoeken Hij lacht ons uit, daaronder in zijn kist
±1469 - 1536
Erasmus
Desiderius Erasmus is een kritische geest én een verzoener. Veruit het bekendste werk van deze invloedrijke humanist is Lof der Zotheid, waarin hij de draak steekt met de Rooms-Katholieke Kerk. Maar als de protestanten zich afscheiden blijft Erasmus zich inzetten voor kerkelijke hervorming van binnenuit.
10. Erasmus
Onwettig stroomt de moeder door zijn ader Hij is het kind van kerks en aards genot. Een wilde wals, gedanst door mens en God. Het ongelukje van een vrome vader.
Hij leeft een kloosterleven, 't is zijn lot Maar zijn gedachten zoeken breder kader De menselijke vrijheid staat hem nader Het menselijk tekort verwerft zijn spot.
Waar Luther dwaalt laat hij de mens graag spreken Waar mensen strijden, speelt hij graag de zot. Die grinnikend de weg wijst naar 't schavot. Waar men elkaar de ogen uit kan steken.
De zot wil met zijn spot de vrede preken. En altijd tolerantie, dat 's zijn plot.
1566 - 1581
De Opstand
Van Beeldenstorm naar Plakkaat van Verlating. Tijdens de Nederlandse Opstand, beter bekend als Tachtigjarige Oorlog (1568-1648), komen de Nederlandse gewesten in verzet tegen koning Filips II van Spanje. In 1588 ontstaat uiteindelijk de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
Beeldenstorm (1566)
'Geloof in God en ga geen beelden eren' Het is het credo van de protestant. Hij vindt het bovendien nogal gênant. Dat Roomse heren overvloed begeren.
Het graaien en plukken heeft de overhand. De clerus is heel goed in calculeren. De dieven lopen rond in herderskleren. En Jan Modaal staat hongerig langs de kant
Dus barst de bom, het blijkt een lopend vuur. Genadeloos, het spaart geen monumenten. Men trekt de schilderijen van de muur
Slaat kansel, kelk en kruis aan gruzelementen. Bekleedt de vloeren met de beeldfragmenten. En geeft de kerk een nieuwe signatuur.